NIEUWS

lizorg_beeld4-e1649236469911.png

6 april 2022 Preventie

BRUSSEL 21/03 – “We moeten veel meer investeren in een gezonde leefstijl van mensen”, aldus prof. huisartsengeneeskunde Hilde Bastiaens (UA). Ze is een van de trekkers van het recent opgerichte Preventieplatform; een netwerk van organisaties die pleiten voor meer preventie in onze gezondheidszorg. “Corona was een wake-upcall. Als we niet bijsturen dreigt het systeem bij een volgende crisis te crashen.”

Wat als huisartsen niet langer genezen, maar voorkomen dat een aanzienlijk deel van hun patiënten überhaupt ziek wordt? Een gezonde leefstijl kan 80% van alle hart- en vaatziekten en diabetes type 2 vermijden. Voor kanker en dementie bedraagt dat cijfer 40%. Dat blijk uit cijfers van de Wereldgezondheidsorganisatie. Intensivist prof dr. Geert Meyfroidt verklaarde eerder dat goede preventie meer levens redt in absolute aantallen dan onze afdelingen intensieve zorg. “Een wake-upcall”, aldus professor huisartsengeneeskunde Hilde Bastiaens (UAntwerpen) Covid-19 maakte voor haar pijnlijk duidelijk wat experten al lang weten: we moeten dringend meer investeren in een gezonde leefstijl en gezonde leefomgeving.

Hoe maakte de coronacrisis dit precies duidelijk?

“We stelden vast dat mensen met een ongezonde levensstijl (roken, alcohol, weinig beweging) vaker in het ziekenhuis belandden en stierven. Obesitas en overgewicht bleken belangrijke voorspellers te zijn van covid-gerelateerde sterfteverschillen tussen verschillende landen. Die realiteit drukte ons met de neus op de feiten. Te veel Belgen eten vandaag ongezond. 1 op 3 beweegt te weinig, 1 op 6 rookt, 1 op 7 drinkt te veel. Die slechte gezondheidsstatus leidde de afgelopen twee jaar tot heel veel vermijdbare doden.”

“Meer preventie zal niet alle ziekten voorkomen. Toch is veel laaghangend fruit nog niet geplukt.” (prof. huisartsengeneeskunde Hilde Bastiaens, UA)

“Ook ons gezondheidssysteem daverde op haar grondvesten. Nu het ergste achter de rug lijkt, moeten beleidsmakers zich bezinnen. Als we niet bijsturen, dreigt het systeem bij een volgende grote crisis te crashen. Maar ook zonder crisis kosten vermijdbare welvaartziekten ons land handenvol geld. Als we niets veranderen, zal dat soort aandoeningen zal alleen maar toenemen , waardoor er meer zorgpersoneel nodig is. Personeel dat we vandaag al tekort komen. Ik zeg niet dat je via preventie alle ziekten kan voorkomen. Toch is veel laaghangend fruit nog niet geplukt. We investeren amper 2,2% van ons gezondheidsbudget in preventie. Trek dat op naar minstens 3%, het Europese gemiddelde. Op termijn moet 5% onze ambitie zijn ”

Is het alleen een kwestie van extra middelen?

“Zeker niet. Even belangrijk is hoe doelmatig je die middelen besteedt. Inzetten op een gezonde leefstijl veronderstelt dat alle gezondheidsactoren efficiënt samenwerken. Momenteel coördineer ik SPICES, een onderzoeksproject naar primaire preventie van hart- en vaatziekten. We sporen patiënten op met een verhoogd risico. De huisartsenpraktijk speelt hierin een belangrijke rol, maar ook welzijnsorganisaties. In Borgerhout kunnen mensen binnenlopen in de gezondheidskiosk (LOGO & UA) voor laagdrempelige tips rond een gezonde leefstijl.

Ze voeren er ook een eerste risicoscreening uit rond hart- en vaatziekten via een vragenlijst. Wie risico loopt, wordt doorverwezen naar de huisarts. Deze kan op zijn beurt doorverwijzen naar een gepast voedings- of beweegaanbod in de buurt. Die wisselwerking op buurtniveau is belangrijk denk ik. Je levensstijl aanpassen is niet eenvoudig en veronderstelt een goede kennis van de persoonlijke context en de drempels die een patiënt ervaart. Effectieve preventie steunt op verschillende lokale gezondheidsactoren. Dat geldt nog meer als je werkt met kwetsbare doelgroepen. Een gezonde leefstijl is immers niet voor iedereen de eerste prioriteit.”

Hoe belangrijk is de huisarts in een doeltreffend preventiebeleid?

“Voor veel mensen is de huisarts nog altijd het eerste gezondheidscontact. Velen hebben enkele keren per jaar contact met hun huisarts. Mensen kort aanspreken op hun gezondheidsgedrag kan echt een verschil maken. Dat zie je bijvoorbeeld bij rokers. Onderzoek wijst uit dat een vraag of advies van de huisarts rond iemands rookgedrag een eerste stap kan vormen naar gedragsverandering. In die zin speelt de huisarts een belangrijke rol. Anderzijds kan hij het niet alleen. Veel huisartsen hebben al meer dan de handen vol met al het curatieve werk. Bovendien maken mensen vaak pas een afspraak als er al een medisch probleem is. Een jaarlijkse check-up biedt wel een goede aanleiding om het over leefstijl te hebben, maar dan moet je er aan denken. Ik mis die systematische preventiereflex nog. Vermoedelijk hebben huisartsen simpelweg te veel werk om hier standaard mee bezig te zijn.”

“Verwijzen naar een Bewegen Op Verwijzing-coach is een prachtig voorbeeld van preventie in de huisartsenpraktijk.”

“Gelukkig hoef je als huisarts gezondheidsbevordering niet alleen op te nemen. Een betrokken verpleegkundige in de praktijk kan die rol voor een stukje overnemen. De uitdaging zit ook in slim delegeren. Als je als huisarts een ongezonde leefstijl detecteert, kan je bijvoorbeeld doorverwijzen naar een eerstelijnspsycholoog, diëtist, tabakoloog of Bewegen Op Verwijzing- coach. Zo’n BOV-coach is een prachtig voorbeeld van preventie in de huisartsenpraktijk. De arts geeft zelf geen leefstijladvies maar verwijst via een brief door naar een professionele beweegcoach. Mensen die een gezondheidsrisico lopen als gevolg van onvoldoende lichaamsbeweging of sedentair gedrag, komen in aanmerking. Ik denk ook aan de mogelijkheid van een ‘groen voorschrift’ waarmee je iemand het advies geeft om te gaan wandelen in de natuur. Het hoeft niet altijd medicatie te zijn.”

Eigenlijk kunnen huisartsen vandaag al veel doen?

“Ja en Nee. Een consequente preventiereflex is zeker waardevol. Toch moet je ook sleutelen aan achterliggende structuren. Ik denk opnieuw aan ons project rond de preventie van hart- en vaatziekten in samenwerking met huisartsenpraktijken. We wilden verpleegkundigen verbonden aan huisartsenpraktijken daarin graag een belangrijke rol geven. Zij zijn immers goed geplaatst om mensen met een hoog risico te informeren rond en begeleiden naar een gezondere levensstijl. Alleen ontbreekt vandaag een duidelijk kader waarin ze dat soort begeleiding kunnen opnemen. Mijn advies? Financier preventie op praktijkniveau. Zo kan elke artsenpraktijk afzonderlijk bepalen welke hulpverlener die preventietaak het beste kan opnemen.”

“Financier preventie op praktijkniveau. Zo kan elke artsenpraktijk bepalen welke hulpverlener de preventietaak het beste kan opnemen.”

“Helaas botsen we vaak op de complexe staatstructuur van ons land: preventie is een Vlaamse bevoegdheid, curatie zit federaal. Het preventieplatform pleit dan ook voor een interfederaal, sector overschrijdend preventie-akkoord. Binnen dat brede kader kan je regionaal en lokaal extra accenten leggen. Maar we moeten stoppen met te denken en ageren vanuit staatstructuren. Gezondheid en zeker gezondheidsbevordering is een zaak van Health in all policies.”

“Tot slot mag een preventiebeleid zich niet beperken tot individuele gezondheidsbevordering. Dat is slechts één stukje van de puzzel. Minstens even belangrijk is de omgeving waar mensen wonen en werken. Denk bijvoorbeeld aan een toegankelijk en gezond voedings- en beweegaanbod. Voldoende groen in de buurt is ook belangrijk. Op die vlakken kunnen we nog veel vooruitgang boeken. Toch denk ik dat het kan. Want nood breekt wet. Als we ons gezondheidssysteem overeind willen houden, zullen beleidsmakers op alle niveaus nauwer moeten samenwerken.”

Meer info?

 


Copyright HRM 2018. All rights reserved.