Terugblik op de geschiedenis

Terugblik op de geschiedenis

 

 

 

HRM vzw zet de traditie voort van een aloude en zeer actieve lokale huisartsenvereniging waarvan de wortels reiken tot in 1935

In de voorgeschiedenis van HRM in zijn huidige vorm volgden meerdere "feitelijke verenigingen" elkaar op, met alle beperkingen en kwaliteiten aan die status verbonden. Maatschappelijk was er eertijds immers geen nood aan officiële constructies, het ging er gemoedelijk aan toe, er bestaan daarom ook weinig documenten en archieven.

Vanaf 1930 leefde er in de regio de "Geneesherenkring van het Kanton Contich" waarvan standregelen, in beide landstalen, en documenten werden teruggevonden. De Mortselse dokters hoewel lid van voornoemde kring, waren toen eerder verbonden met het St. Mariagasthuis te Berchem.

Toen enkele jaren later de Gasthuiszusters van Lier de St. Jozefkliniek oprichtten, vonden Kontich en Mortsel elkaar.  Gedurende enkel decennia fungeerde het kleine dokterskamertje naast het toenmalige operatiekwartier als ontmoetingsplaats. Hieruit groeide de nieuwe dokterskring, die omnipractici en specialisten groepeerde onder de glorierijke naam van "DEMPA":   Doctores Extra Muros Provinciae Antverpiensis. Deze omschrijving betrof een gebied dat nagenoeg overeenkomt met de huidige regio: Kontich, Mortsel, Edegem, Hove en Boechout samen met twee gemeenten in die tijd zonder arts: Lint en Vremde en de aangebouwde wijken van Elsdonk en Oosterveld; ook Borsbeek werd een korte periode opgenomen.

DEMPA en zijn opvolgers vergaderden steeds op de  traditionele obligate eerste dinsdagavond van elke maand en dit onafgebroken een artsengeneratie lang in Billiard Sport Palace aan het Mortselse gemeenteplein.

Bij de herbronning, verfrissing en actualisatie van de "standregelen" in 1955 deed de kring afscheid van zijn archaïsche naam; de vereniging werd omgedoopt tot D.K.M. wat staat voor dokters van Kontich en Mortsel. De andere gemeenten moesten het helaas zonder naamvermelding stellen. Niet zonder emoties en pijn, nam men toen afscheid van de geneesheren-specialisten als werkende leden. D.K.M. werd een echte huisartsenvereniging.

Onafscheidelijk verbonden met de DEMPA periode is de figuur van Dr. Marcel Van Loock, praeses perpetuus, een achtenswaardig, behoudend en voorzichtig leidsman, steeds bedacht op rust, waardigheid en kalmte en eeuwige verzoener van de oudere garde met de aanstormende en ondernemende jeugd. De eerste jaren van D.K.M. bleef hij voorzitter, maar in 1960 werd hij opgevolgd door Raf Dupont.

Dit bracht een nieuwe wind en dynamiek; de dinsdagavonden werden geleidelijk meer en meer ingevuld met een wetenschappelijke of algemeen vormende activiteit; maar "het" hoofdthema van het nieuwe beleid was de huisarts-specialist relatie en de taakverdeling tussen beide disciplines, ten bate van de kwaliteit en de dienstverlening. Echelonnering, lang voor dit begrip gemeengoed werd.

 

"De verwezenlijking" uit deze periode werd de oprichting van het Geneeskundig Centrum D.K.M. te Mortsel. In afspraak en in samenwerking met de St. Jozefkliniek, die toen geen eigen polikliniek beheerde, richtten de huisartsen alhier een volwaardig specialistisch consultatiecentrum op. Een uniek en baanbrekend initiatief dat volledig zelfstandig en in eigen beheer werd opgevat en uitgewerkt. De patiënten werden er enkel op verwijzing ontvangen en na onderzoek en verzorging met een correcte rapportering terug naar hun huisarts verwezen. De samenwerking met de locale specialisten, die kort nadien ook in het beheer van dit centrum zouden intreden, werd op deze vooruitstrevende wijze werkelijk geoptimaliseerd. Dat dit een belangrijke meerwaarde betekende zowel voor patiënten als voor de huisartsen hoeft duidelijk geen betoog.

Het Geneeskundig Centrum ging mettertijd een eigen leven leiden en is na een lange bloeiperiode opgegaan in diverse andere diensten die zowel in plaats als logistiek nauwer verbonden waren met de bestaande klinische diensten.  Het blijft echter een belangrijke mijlpaal in de evolutie van de niet residentiële medische verzorging en in de taak- en terreinafbakening van de huisartsgeneeskunde.

In de vroege zeventig jaren, werd bij- en nascholing steeds belangrijker. De nieuwe erkenningscriteria voor huisartsen voorzagen een bijkomend en verplicht opleidingsprogramma. Het systeem zou uiteindelijk vanaf oktober 1976 in functie treden. Reeds vanaf de start van de aanloopperiode werd elke DKM- reünie daarom met een waardevol wetenschappelijk programma ingevuld; bijkomende cycli en fono-didactische avonden vooral in samenwerking met de W.V.V.H. zorgden ervoor dat alle huisartsen in eigen kring de volledige opleiding konden volgen  en zo hun erkenning bekomen. Die vormingstraditie werd nooit meer afgebroken en zou later naadloos uitmonden in de onderwijl verplichte continue navorming. De vergaderplaats van onze kring werd toen ook overgebracht naar het "Merelhof" aan de E. Thieffrylaan te Mortsel. Dat bood meer ruimte en comfort.

Om de verbondenheid maar tevens om het onderscheid met het Geneeskundig Centrum te benadrukken, noemde de vereniging zich voortaan D.K.M., vereniging van huisartsen. Naast de wetenschappelijke doelstellingen bleef ook de traditie van dienstverlening aan de patiënten, wachtdienstorganisatie,  collegialiteit,  en algemene maar ook recreatieve interesse met nadruk ingevuld.

Na een kort interregnum van René Segal was het Jozef van Gerven die aan het roer ging staan, onder wiens leiding HRM werd omgevormd naar een vereniging met rechtspersoonlijkheid. Tijden veranderden snel en de samenleving werd meer en meer georganiseerd en complexer. De sociale dimensie van onze taak maakte contacten en samenspraak met patiënten, verenigingen, andere dienstverleners, besturen en met het beleid noodzakelijk. De verdere professionele uitbouw van onze functie vereiste organisatie in eigen midden; ook verlangden we deel uit te maken van een overkoepelende representatieve huisartsenvereniging. Dit en vele andere overwegingen lieten ons de noodzaak aanvoelen van een vereniging die ook officieel de kring zou belichamen, die de democratische emanatie van de huisartsen zou zijn en hun taak kon coördineren; die met gezag de huisartsen van de regio kon vertegenwoordigen, in hun naam kon optreden en voor hen afspraken en engagementen mocht nemen.

Dit leidde tot de omvorming van deze kring in een vereniging met rechtspersoonlijkheid. Het werd de grootste verwezenlijking van D.K.M. vereniging van huisartsen; een opgave die alleen maar mogelijk was met de steun van een hard werkende en sterk gemotiveerde bestuur groep. Velen van hen die vandaag nog mede aan de leiding staan waren toen reeds van de partij.

 

Wanneer op 26 februari 1981, 26 aanwezige huisartsen hun handtekening zetten onder de stichtingsakte, ontstond de v.z.w. Huisartsen Regio Mortsel, of dus HRM. Voor de vroegere vereniging was dit geen ondergang, maar een gedaantewisseling, een opgaan in een moderne structuur met zoveel nieuwe mogelijkheden, zoveel meer eigentijds, maar toch gesteund op diezelfde tradities en op de idealen van weleer. Voor D.K.M. vereniging van huisartsen werd het de ultieme bekroning.

In H.R.M. vinden we diezelfde rode draad terug, gesponnen doorheen onze ganse lokale huisartsengeschiedenis maar dan uitgegroeid en gerijpt tot een instrument waarmee we onze taak en functie van dienstbaarheid in die maatschappij willen innemen en uitoefenen.

De zeven eerste jaren van de nieuwe HRM verliepen onder de charismatisch leiding van Jozef Van Gerven.

Hij werd opgevolgd door Leo Adam, zelf medewerker en inspirator van het eerste uur. Onder zijn vleugels werd H.R.M. groot. Het waren woelige jaren: veranderende omstandigheden in het gezondheidszorglandschap, de ‘emancipatie’ van de huisarts en van de huisartsenkring, de plethora en de massaal bijgewoonde Staten-Generaal, als antwoord op de politieke bemoeienissen in onze sector. HRM ging over tot de medestichting van de Unie van Huisartsenkringen of UHAK, samen met zeven andere Antwerpse huisartsenkringen, met als statutair doel " bevordering van de huisartsgeneeskunde". Leo Adam nam het voortouw, leidde onze kring door deze woelige periode, en werd bovendien voorzitter van UHAK, met Theo Putzeys als zij  trouwe luitenant.

De bewustwording en het toegenomen zelfvertrouwen met de plaats en de rol van de huisartsenkring mondde uit in tal van initiatieven en projecten: prehospitaal trombolyse, project 900, HRM-website, wintercongressen, BPH studie, preventieprojecten, stichtend lid van PHA, VHP, project ontslagmanagement, protocol PVT-huisartsen, TGZ Mortsel, RVT coördinatoren…
HRM was een dynamische kring en inspireerde met zijn grote dynamiek vele andere huisartsenkringen in Vlaanderen. HRM was een kring waar iedereen naar opkeek.

 

 

(met dank aan Jozef Van Gerven en Leo Adam, ere-voozitters)